begrijpen

Définition, traduction, prononciation, anagramme et synonyme sur le dictionnaire libre Wiktionnaire.
Aller à : Navigation, rechercher

Sommaire

Néerlandais [modifier]

Origine et histoire de « begrijpen » Étymologie

Dérivé par préfixation de grijpen, « saisir ». → voir grijpen

Verbe

Présent Prétérit
ik begrijp begreep
jij begrijpt
hij, zij, het begrijpt
wij begrijpen begrepen
jullie begrijpen
zij begrijpen
u begrijpt begreep
Auxiliaire Participe passé
hebben begrepen

begrijpen /bə.ɣɾɛj.pəː/ transitif

  1. comprendre, saisir
    • ik kan niet begrijpen dat
      je n’arrive pas à comprendre que
    • naar wat wij hebben begrepen
      d’après ce que nous avons compris
    • begrijpe wie kan
      comprenne qui pourra

Synonymes

Prononciation Prononciation