gezamenlijk
Définition, traduction, prononciation, anagramme et synonyme sur le dictionnaire libre Wiktionnaire.
Sommaire |
[modifier] Néerlandais
Étymologie
- Étymologie manquante ou incomplète. Si vous la connaissez, vous pouvez l’ajouter en cliquant ici.
Adjectif
gezamenlijk
- commun, collectif, conjoint
- gezamenlijk beheer
- cogestion
- gezamenlijk eigendom
- copropriété
- gezamenlijke stand
- stand collectif
- gezamenlijke commissie
- commission paritaire
- in gezamenlijk eigendom hebben
- coposséder
- gezamenlijk beheer
Adverbe
gezamenlijk
- conjointement, collectivement, ensemble
- besluiten worden door de directieleden gezamenlijk genomen
- le directoire prend les décisions collégialement
- besluiten worden door de directieleden gezamenlijk genomen